Elk jaar in november staat één week in het teken van werkstress. In 2026 is dat de week van maandag 9 tot en met vrijdag 13 november. Het is een goed moment om in je organisatie stil te staan bij werkdruk, herstel en het gesprek daarover. Maar een stoelmassage en een fruitmand lossen weinig op. Wat helpt wel?

In dit artikel lees je waar de week vandaan komt en wat je als organisatie kunt doen, zodat het effect langer duurt dan vijf dagen.

Waar komt de week vandaan?

De Week van de Werkstress bestaat sinds 2014. Het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid begon ermee, als onderdeel van een campagne om werkstress bespreekbaar te maken. In 2018 nam brancheorganisatie OVAL de organisatie over. In 2025 kreeg de week een nieuwe naam: de Week ZONDER Werkstress. In de praktijk worden beide namen door elkaar gebruikt, en verschillende organisaties bieden in deze week een eigen programma aan.

Waarom is aandacht nodig?

De cijfers laten zien dat werkstress geen klein probleem is.

  • 21 procent van de werknemers heeft burn-outklachten, blijkt uit de Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden 2025 van TNO en het CBS. Tien jaar eerder was dat 13 procent.
  • Ruim een derde van de werknemers (37 procent) vindt dat er extra maatregelen nodig zijn tegen werkdruk en werkstress.
  • Het aantal verzuimdagen door stressklachten steeg volgens ArboNed en HumanCapitalCare in vijf jaar met 49 procent.

Vijf dingen die je kunt doen

1. Begin met luisteren. Vraag medewerkers waar de werkdruk vandaan komt. Niet met een grote vragenlijst die in een la verdwijnt, maar in het teamoverleg. Welke taken kosten de meeste energie? Wat zou morgen al kunnen schelen? Medewerkers weten zelf vaak het best wat helpt.

2. Kies één knelpunt en pak dat aan. Eén concrete verbetering werkt beter dan tien goede voornemens. Denk aan minder vergaderingen, duidelijke afspraken over bereikbaarheid na werktijd of een betere verdeling van piekdrukte.

3. Geef leidinggevenden handvatten. Zij zien signalen het eerst: slechter slapen, minder concentratie, vaker kort verzuim. Gebruik de week om leidinggevenden te leren hoe ze daar een goed gesprek over voeren.

4. Maak ruimte voor herstel. Pauzes, een wandeling tussen de middag, een avond zonder werkmail. Herstel is geen beloning na hard werken, maar een voorwaarde om het vol te houden. Laat zien dat het mag, ook door het zelf te doen.

5. Kijk naar wat energie geeft. Werkdruk verlagen is één kant. De andere kant is versterken wat mensen overeind houdt: regelruimte, steun van collega’s, waardering en werk dat ertoe doet.

Wat je beter kunt laten

  • Een onderzoek zonder vervolg. Vragen naar werkdruk en er daarna niets mee doen, maakt medewerkers alleen maar sceptischer.
  • Alleen ontspanning aanbieden. Een yogales is prettig, maar verandert niets aan een te volle agenda.
  • Het bij één week laten. Plan meteen wanneer je terugkomt op wat er is afgesproken.

Ook wettelijk een taak

Werkstress valt onder wat de Arbowet psychosociale arbeidsbelasting (PSA) noemt. Daaronder vallen werkdruk, pesten, agressie en geweld, discriminatie en seksuele intimidatie. Werkgevers zijn verplicht om beleid te voeren dat deze belasting voorkomt of beperkt. De Week van de Werkstress is dus ook een goed moment om na te gaan of dat beleid nog klopt.

Meer achtergrond? Lees ons artikel over burn-outklachten in Nederland of over psychologische veiligheid op het werk.

Wil je in jouw organisatie iets doen in de Week van de Werkstress? Neem contact op, we denken graag met je mee.

Bronnen

Op de hoogte blijven?

Wilt u tips ontvangen en op de hoogte blijven van ontwikkelingen op het gebied van de preventie en aanpak van stress, werkdruk en burn-out? Meld u dan aan voor de nieuwsbrief.

AANMELDEN